Flossdraad (tandzijde) is vooral geschikt om de ruimten tussen tanden en kiezen te reinigen waar deze heel dicht op elkaar staan, de kleinere ruimten dus. Er bestaan verschillende diktes en uitvoeringen van floss. Uw tandarts of mondhygiënist (e) kan adviseren wat voor u het beste is, en kan u leren hoe de draad zo effectief mogelijk te gebruiken voor uw gebit. 

Flossen in zes stappen
 
1. Neem een stukje flossdraad van circa veertig centimeter voor het gehele gebit. Wikkel de uiteinden losjes om de middelvingers en houdt een stukje van circa drie centimeter flossdraad tussen beide duimen en wijsvingers.
 
2. Breng de strak gespannen flossdraad voorzichtig met een licht zagende beweging tussen de tanden en kiezen. Voorkom tandvleesbeschadigingen door de flossdraad heel voorzichtig tussen tanden en kiezen te bewegen.

3. Span de flossdraad strak rondom de tand of kies en breng de draad met een voorzichtig zagende beweging tot iets onder het tandvlees. Het tandvlees mag geen pijn doen. Reinig met een “scheppende” beweging onder het tandvlees.

4. Breng dan met een zagende beweging de flossdraad terug tot boven het tandvlees en breng de flossdraad naar de volgende tand of kies. In het begin is het gebruik van flossdraad soms moeilijk. Het tandvlees gaat daarbij vaak bloeden, dit komt omdat het ontstoken is. Als u echter dagelijks flosst, verdwijnt het bloeden en wordt het gebruik minder pijnlijk.

5. Herhaal de zagende beweging bij de ernaast liggende tand of kies. Gebruik bij iedere tussenruimte een schoon stukje draad.
Herhaal de zagende beweging bij de ernaast liggende tand of kies enz.

6. Na afloop van het flossen, dient u uw mond goed te spoelen met water.
 
Wij raden u aan om minimaal 1x per dag te flossen, bij voorkeur ’s avonds na het poetsen en voor het slapen gaan.
 
Wij raden “beginners” aan om eerst bij de voortanden te oefenen, en hierbij goed in de spiegel te kijken.

Laatste nieuws